Naar de inhoud

Tussen Pasen en Pinksteren

Bron: Peter Louter in NIVO

Tussen Pasen en Pinksteren
De Dijk is de mooiste plek van Volendam. Het water, de luchten, het bootjesgedoe, de terrassen, de gezellige cafés en restaurants, patatjes en ijsjes, het wandelende volk, het kijken en bekeken worden, maken de Dijk een unieke plek. Er zijn wel meer van die plekken in Nederland. Maar bijna nergens is het zo aangenaam vertoeven omdat de bebouwing de Dijk afschermt tegen alle westelijke winden. Het geheim van de Dijk is die beschutte ligging.
De vloek van de Dijk is het verkeer. Wat een ideale plek zou moeten zijn voor terrasjes en flaneren, wordt bedorven door verkeer.

Het is een van de redenen waarom ik niet vaak op de Dijk kom. Ik kan er thuis wel zo vaak kijken als ik wil. Er staat een webcamera op de Dijk die telkens vanuit een andere hoek beelden laat zien van wat er op de Dijk gaande is. Twee muisklikken en ik kijk mee op mijn computerscherm ( www.vanhout.nl/camA.html).

Op eerste paasdag haalde ik de Dijk al vroeg mijn werkkamer binnen. Voor café de Molen stond een lichtgekleurde toeristenbus vast. Teleurgesteld verwijderde ik het zicht op de Dijk weer uit mijn werkkamer. Mopperend ging ik naar beneden om mijn ongenoegen te compenseren met een stuk Paasbrood. Maagzuur was het gevolg.

Ik was niet de enige die het maagzuur kreeg van het verkeer op de Dijk. Her en der heb ik al de nodige protesten gezien. Een deel van die protesten was voorbarig. De nieuwe coalitie nu al schamperend toespreken dat de Dijk nog niet verkeersluw is, onthult de spreker als een vijand van de coalitie. Wat in veertig jaar achtereenvolgende colleges nog niet voor elkaar hebben gekregen, kan niet in een handomdraai geregeld worden. Alleen Groenlinks heeft hier recht van spreken. Ze doen dat al heel lang en heel consequent.

Het nieuwe college heeft verwachtingen gewekt. In heel voorzichtige bewoordingen hebben ze aangekondigd dat ze stappen gaan ondernemen die tot een definitieve oplossing moet leiden. Het is de vraag of die voorzichtige aanpak in de pas loopt met de sterke wens die onder de bevolking leeft. Er is een gevoel van urgentie dat ik maar vertaal als het gevoel dat het afgelopen moet zijn met het gedraal en getreuzel. Geen woorden, maar daden.
Met Hemelvaart en Pinksteren willen we kunnen flaneren, ongehinderd op een terrasje zitten en genieten van het uitzicht.

Waar een wil is, is een verkeersvrije Dijk
Ik wil wel even meedenken. Laten we de Dijk in twee stukken verdelen. Een noordelijk stuk en de rest. Het noordelijke stuk eindigt waar de bussen de draai maken naar het parkeerterrein achter Spaander. Die bussen moeten echter voortaan langs dezelfde weg weer terug. En dat kan ook. De noordelijke kant van de Dijk is dan afwisselend tien minuten beschikbaar voor het vertrekkende verkeer en voor het binnenkomende verkeer. Meer dan een paar stoplichten is er niet voor nodig. Ik beschouw dit als een Salomonscompromis tussen het deel van de Dijk dat het van bustoerisme moet hebben en het deel dat de eigen bevolking en andere toeristen bedient. Particulier verkeer moet helemaal worden uitgesloten. Voor de busondernemingen is het verder gewoon een kwestie van hun rit afstemmen op de doorgangstijden. Dat zullen ze snel onder de knie krijgen.

Dan de noordelijke dijkopgang. Na het onaantrekkelijke parkeerterrein komt er een hoge trap die de energie uit je benen haalt en die je de rest van je leven blijft herinneren als de tol die je moet betalen voor het prachtige uitzicht dat zich ontrolt als je eenmaal boven bent. Ik ben er pas nog geweest en vond het verschil tussen inspanning en beloning te gering. Daar moet dus een openbare roltrap komen. Een opgaande en een neergaande zodat we niet discrimineren tussen de komende en de gaande bezoekers. Een dergelijk roltrap zou de behoefte om per bus achter Spaander afgezet te worden wel eens sterk kunnen verminderen.

Stoplichten zijn in een oogwenk te regelen. De roltrappen zullen wel een paar maanden vergen en ondertussen kunnen we nadenken over andere maatregelen om de Dijk aantrekkelijk te maken. Een inrit/uitrit via de golf van Ma naar het parkeerterrein achter Spaander kan het traject voor bussen op het Noordeinde bekorten. Een weg onderlangs als favoriete oplossing, is het beste idee om oplossingen nog heel lang voor ons uit te schuiven. Laten we voorlopig alle grootse ideeën maar vergeten. Ze zijn onbetaalbaar.

Kom ik vaker op de Dijk als die stomme bussen en auto’s verdwenen zijn? Stel uzelf die vraag maar eens. Vraagt u zich ook maar eens af voor hoeveel mensen uit de regio een tripje naar de Dijk weer aantrekkelijk wordt.

Op een dag, binnenkort, word ik wakker. De droom van een autovrije Dijk is dan geen droom meer. Dan heb ik nog maar één wens: een paar toprestaurants, die de internationale trends volgen en niet de Volendamse verwachtingen. Visrestaurants welteverstaan. Het water loopt me nu al in de mond.

Peter Louter. (reacties op: www.louterlink.web-log.nl)

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.