Naar de inhoud

Gerro Roskam: “Na 30 jaar Bosvolk moest er iets heel anders volgen” (foto)

Bron: Stadskrant

Het is niet iedereen gegeven om alles uit het leven te halen wat er in zit. Waar de een moeiteloos 50 jaar in een comfortabele kuipstoel kan doorbrengen, is een ander druk bezig alle vrije minuten te spenderen aan allerlei activiteiten en verplichtingen. Dit laatste geldt zeker voor Gerro Roskam, die na een uitermate drukke tijd in het vrijwilligerswerk, vandaag de dag druk bezig is met zijn passie voor tracking. Hij had op z’n minst 14 grote trackingsreizen gemaakt, ware het niet dat hij door een verkeersongeluk - en een bitter slechte nazorg - 4 kostbare jaren had verloren omdat het lijf niet zo best wilde. Inmiddels is hij weer gezond genoeg om er aan het eind van de zomer weer heerlijk op uit te trekken.


Foto Cor Kes - www.luxphotography.nl

Toen ik je belde en we het even over verre arme oorden hadden, liet je al blijken dat je begaan bent met het lot van minder bedeelden. Heeft dat iets met je eigen achtergrond te maken?

Jazeker. Ik kom uit een superrood nest. Mijn ouders kwamen uit het arbeidersmilieu en dan stemde je links. Vader David was vrij actief binnen het vakbondsgebeuren en was jarenlang secretaris van de regionale NVV. We hadden het niet breed en daarom deed mijn moeder er buiten haar taak als huisvrouw nog allerlei klussen omheen. Ze had enige werkhuizen en was ook handig met het bewerken van kleding. Die moesten wij dan weer in een koffer naar Klepper brengen op de Versteeghsingel. Van huis uit kregen mijn broers Arno, Fred, Jack en ik mee dat je moest omkijken naar hen die het minder goed hadden getroffen dan jezelf. Een stuk sociale bewogenheid.

Voor superroden is het vandaag de dag een hele toer om een passende vertegenwoordiger te vinden

Dat mag je weg zeggen, ja. Het christelijke deel van de politiek lijdt aan bloedarmoede, de PvdA moest van Wim Kok haar rode veren afschudden en werd een soort neoliberale partij. Alleen de SP is nog herkenbaar. Al met al kun je zeggen dat het politieke spectrum geheel overhoop ligt.

Als kleine jongen speelde je al graag in de tuin. Het werd uiteindelijk de habitat waarin je ging werken

Ik was voorbestemd om naar de ULO te gaan, maar dat zag ik helemaal niet zitten. Samen met Joop Kooi en Pieter Leek ben ik toen 4 jaar lang op de fiets naar de Zuidoostbeemster gegaan om de tuinbouwschool te volgen. Daarna volgde de Middelbare Tuinbouwschool in Hoorn waar ik de studierichting voor het aanleggen van tuinen meer handen en voeten kon geven. De vakanties werden benut om ervaring op te doen en na mijn schooltijd kon ik via de vader van Marga en Cora Hendriks aan de slag bij de Heidemaatschappij.

Een grote club

Een beetje te groot naar mijn smaak, maar het was een begin. Elke ochtend ging ik op m’n Puch naar de kippenmarkt in Purmerend waar ik mijn brommer stalde en werd opgepikt om naar een of andere klus van de werkgever te gaan. Het werk betrof civiele werkzaamheden en lag behoorlijk ver van mijn wens om tuinen aan te gaan leggen. Na verloop van tijd kreeg ik het aan de stok met mijn leidinggevende en nadat hij de beloningsregeling in eigen voordeel had opgerekt nam ik zelf ontslag. Na de Heidemaatschappij volgden er 10 zeer drukke jaren bij Hovenier Opdenvelde in Krommenie. Een sympathieke baas die ooit met 16 man begon en er na verloop van tijd 50 had rondlopen. Het groeide hem dermate boven het hoofd dat hij niet alleen het overzicht kwijt raakte, maar ook zijn geld. De zaak ging op de fles en na een tussenstap met een reformwinkel kwam ik terecht bij de AWV, een woningbouwcoöperatie in Amsterdam-West.

Leuk?

Ik heb het er tot aan mijn pensioen volgehouden, dus dat zegt genoeg. Ik gaf er leiding aan een klein team van 5 mensen en kreeg volop de vrijheid om mijn werk zo in te delen zoals ik het zelf wilde.

Wat maakt het aanleggen van tuinen zo boeiend?

Het creëren van belevingswaarde waarin een bepaalde harmonie zit. Daarnaast vind ik het mooi om in een tuin alle 4 de seizoenen een plekje te geven. Het hele jaar door moet een tuin boeien.

Bosvolk is ook onlosmakelijk met Gerro Roskam verbonden

Een onvergetelijke tijd waarin veel lol en voldoening mijn deel werd. Ik was maatjes met Jim Franken en als vanzelfsprekend rolde ik het Bosvolkgebeuren binnen. Klazien Franken en Mevrouw Slegt hadden tot ergernis van de Hervormde Kerkgemeenschap het Bosvolk nieuw leven ingeblazen en in het Turfhok achter de hulpkerk en ULO ontstond er dan ook iets moois.

Bosvolkkampen, waarbij ik begon als keukenjongen en uiteindelijk verantwoordelijk werd voor de gehele keuken. Damslag, de oliebollenactie, survivaltochten door de Ardennen, een computerclub, een kookclub, ach teveel om op te noemen.

Bosvolk werd razend populair bij de jeugd van Edam en al snel moesten wij uitkijken naar een grotere behuizing. Dankzij Herman Nordmann konden wij terecht in de voormalige tandartswoning van Wagenaar op Voorhaven nummer 80. Het knappe aan Bosvolk was dat er een goede synergie was tussen jong en oud. De aanwas was voldoende en jong en oud functioneerden prima met elkaar. Op zich was dat al heel bijzonder.

Gekke dingen meegemaakt?

Vooral leuke dingen. Het is eigenlijk een wonder dat er in al die jaren geen ongelukken zijn gebeurd. Uiteraard wisten we goed wat we deden, maar er had bijvoorbeeld tijdens een survivaltocht in de Ardennen zomaar iets kunnen gebeuren. Je hebt toch kinderen mee op sjouw, die onder jouw verantwoordelijkheid vallen. Daar kijkt men nu toch wel iets anders tegenaan.

Koken is een rode draad door Gerro’s leven

Dat kwam tot ontwikkeling bij Bosvolk. Eerst natuurlijk tijdens de kampen, maar later ook bij de Sintemerkerstdiners. Toen ik begon als keukenjongen probeerde ik Klazien al zo ver te krijgen dat er naast de Hollandse pot ook zoiets als macaroni of nasi op tafel moest kunnen komen. Het was even doorduwen, maar uiteindelijk kwam het er toch van. Na het vertrek van Klazien ging ik pas goed los in de keuken en probeerde ik telkens het eten meer te variëren.

Naast het koken voor vrijwilligers kook ik graag voor familie en 1 keer per 2 jaar voor vrienden onder het motto ‘Het Grote Genieten Bij Gerro’. Het is telkens een flinke strijd om alles gelijktijdig klaar te krijgen, maar ik vind het super om te doen.

Je zit momenteel helemaal in het zogenaamde ‘tracking’

Na 30 jaar Bosvolk kreeg ik van het ene op het andere moment het gevoel dat ik er maar eens mee moest ophouden. Ik had het wel gezien. Toen ik vanuit een initiatief van mijn werkgever op werkbezoek in Marokko kwam, ja toen ondervond ik een dermate verpletterende indruk van dat land, dat ik direct besloot er het volgende jaar weer naar toe te gaan. Via Asrafreizen boekte ik een reis van een maand die het midden hield tussen een wandelvakantie en het ondernemen van culturele activiteiten. Ik was direct verkocht en het jaar erop (1998) boekte ik een reis naar Nepal. In de omgeving van Helambu-Langtang bracht ik 14 dagen wandelend door, terwijl ik er tevens tijd vrij maakte voor bezoeken aan tempels, kloosters, markten en meer bezienswaardigheden.

Tracking werd verslavend?

Meer een passie. Na deze start kwam ik pas echt op gang en reizen naar Cambodja, Vietnam, India, Peru, Pakistan volgden elkaar in een gestaag tempo op. De reizen waren niet alleen boeiend, maar ook conditioneel werd ik alsmaar sterker en wandeltochten over bergpassen op 5800 meter hoogte vormden voor mij hoegenaamd geen probleem. Zoals je aan de foto’s aan de muur kunt zien benut ik de tochten ook om foto’s te maken van het dagelijkse leven in de dorpen en locaties waar ik kom. Ik probeer zo dicht mogelijk op de mensen te komen.

In 2005 kwam een abrupte onderbreking

Op de 26e november van dat jaar werd ik na boodschappen te hebben gedaan bij DEEN van mijn fiets gereden door een automobiliste. Het is dat Wil Bouwes achter mij reed en de tegenwoordigheid van geest had om mijn door diezelfde mevrouw thuis te laten afzetten, want anders had ik nooit meer goed kunnen lopen. Mijn been was vlak onder de knieschijf gebroken en er werd door de beruchte dokter de Bruijn in Purmerend een plaat in gezet. Vrij snel na de ingreep kreeg ik het gevoel dat er iets niet klopte. Het leek wel alsof mijn been in brand stond en er voortdurend naalden in werden gestoken. “Gaat vanzelf over”, vertelde de Bruijn, maar dat bleken loze woorden. Meerdere onderzoeken en ingrepen brachten aan het licht dat zenuwen met de huid waren vergroeid en dat ik zat opgescheept met een neuropatische zenuwpijn. Een pijn die 24 uur per dag te voelen is en alleen kan worden verholpen door zenuwen uit te schakelen. Dat is uiteindelijk ook gebeurd en vanaf 2009 ben ik weer in Toptraining aan de slag om mijn benen weer op kracht te krijgen.

Wat is je eerstvolgende bestemming?

Dit keer ga ik naar Noord-India. Ik denk dat ik mij er prima zal vermaken!

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.